Make your own free website on Tripod.com
Even geduld a.u.b.

 

 

De hel
Buch, Boudewijn

 

Geschreven door: Mariska Betting
Taal: Nederlands
Vak: Nederlands
Soort: Uittreksel

 

  1. Boudewijn Büch
    De Hel
    1e druk: 1994
    Uitgeverij: uitgeverij Atlas te Amsterdam/Antwerpen.
  2. Boudewijn Büch werd geboren in 1948 en bracht zijn jeugd door in Wassenaar. In 1960 gingen zijn ouders scheiden en hij bleef bij zijn moeder wonen. Hij ging naar het gymnasium in Leiden, maar maakte zijn opleiding daar niet af. In 1974 deed hij doctortaalexamen Duits en in 1975 in Nederlands. Büch was een paar jaar voorzitter van de landelijke studentenwerkgroep homoseksuelen. Zijn prozadebuut was in 1981 met "De Blauwe Salon".
  3. Boudewijn Büch heeft zijn gymnasium niet afgemaakt, heeft Nederlands gestudeerd en is later succesvol en zo is de hoofdpersoon van dit boek ook.
  4. --
  5. De letterlijke titelverklaring is de school.
    De symbolische verklaring is de thuissituatie en het trauma dat hij heeft van leraren.
  6. Het boek is een novelle.
  7. Winkler Bockhaus moet naar het gymnasium. Zijn broer Laroux is twee jaar ouder dan Winkler en zit al op het gymnasium. Hij vertelt vreselijke verhalen over de school, die hij vergelijkt met de hel. Hij vertelt ook dat de gymleraar een beul is en de rector een soort beest. Winkler maakt zich grote zorgen.
    De eerste schooldag gaat het al mis met Winkler. Hij fietst over het schoolplein naar de fietsenstalling en wordt aangehouden door de conrector. Die vraagt aan Winkler of hij het schoolreglement niet kent. Winkler zegt nee en moet zich in de eerste pauze melden bij de rector. Tijdens de schoolopening fluistert Winkler iets tegen Alexis. Na de opening moeten ze zich melden bij de rector. Ze moeten het geschiedenisboek overschrijven. De conrector vindt dat te weinig en voegt er nog eens de eerste 100 bladzijden van het aardrijkskundeboek bij.
    Winkler merkt dat de school echt een hel is en wil van school weglopen. Hij brengt zijn fiets naar de goedkoopste reparateur in het dorp, Wielenga.
    De reparateur vindt dat er hier iets achter zit, want de fiets is nog goed.
    Die avond gaat hij naar de moeder van Winkler. Zijn moeder vraagt waarom hij zijn fiets wilde laten nakijken en Winkler bekent dat hij met zijn fiets naar Frankrijk wil om daar te gaan werken. Zijn moeder stelt de rector op de hoogte samen beslissen ze dat Winkler voortdurend onder toezicht moet staan van een leraar of Laroux.
    De leraar Duits, meneer Hundertwasser, zegt tegen Winkler dat zijn achternaam heel erg Duits klinkt. Winkler zegt dat zijn vader uit een Duitssprekend deel van Polen komt en meneer Hundertwasser constateert dat hij met een jood te maken heeft. Hij vertelt dat sommige joden slecht zijn. Winkler besluit stiekem een brief te schrijven naar zijn vader over de aversie tegen joden. Hij vraagt zijn vader naar school te komen om met de rector te praten. Tijdens de wiskundeles van meneer Latjes weet Winkler het antwoord op een som niet en meneer Latjes noemt hem een domme jood. Dan ziet Winkler zijn vader over het schoolplein lopen en hij wil de klas uit om bij hem te zijn, dus noemt hij de leraar plakkop. Er komt een gesprek met de twee leraren, vader, moeder en Winkler. Eerst wil moeder niet meedoen aan dat gesprek, maar stemt later toe. Ze is namelijk bang dat als bekend wordt dat ze joods zijn, dat alles dan weer opnieuw gebeurt. Hundertwasser en Latjes bieden hun excuses aan. Ze worden geschorst en later ontslagen.
    Door die ontslagen is Winkler een held op school. Op school wordt een film vertoond over de joden. Na de film is Winkler meer dan een held; hij was een overlevende.
    Winkler krijgt gymles van meneer Staal. Hij moet het touw inklimmen en hoog blijven hangen, terwijl meneer Staal hem met een stok probeert te raken. Hij moet juist Winkler hebben, omdat die zogenaamd het slachtoffer van de oorlog is, terwijl hij hem niet eens heeft meegemaakt.
    Laroux verklaart de razernij door een trauma van het Jappenkamp.
    De tekenleraar, meneer Wreedstaart, is heel vreemd, Hij laat de kinderen dingen tekenen, die ze nog nooit gezien hebben en soms laat hij knikkers vallen en vraagt dan wie dat heeft gedaan. Als ze dan zeggen dat hij het zelf heeft gedaan dan noemt hij ze leugenaars. Op een keer laat hij de kinderen op zijn borstkas tekenen, waarna hij op zijn hurken door het lokaal begint te springen. De rector ziet dat en Wreedstaart wordt van school verwijderd.
    Winkler is heel goed bevriend met de dames Lepelaar. Ze hebben een winkeltje en Winkler moet daar regelmatig naaigerei halen voor zijn moeder. De dames Lepelaar geven regelmatig tips aan Winkler om de leraren te pesten en ze kennen al zijn schoolverhalen.
    Tijdens de les van Pompie, de oudste docent van de school, rolt Winkler een traangasgranaatje over de vloer van het lokaal. Pompie ziet dat, gaat naar buiten en sluit alle leerlingen op in het klaslokaal. Winkler wordt daardoor natuurlijk van school getrapt.
    Hij gaat werken voor het energiebedrijf als meteropnemer. Hij maakt zijn gymnasiumopleiding af via de avondschool en maakt zijn studie Nederlands binnen kortste keren af. Na zijn studie maakt Winkler het helemaal en is ook vaak op TV te zien.
    Tijdens een reünie van zijn school ziet Winkler zijn gymleraar, meneer Staal. Intussen is hij invalide geworden. Hij legt aan Winkler uit dat hij vroeger zo wreed was door het jappenkamp waar hij in heeft gezeten en hij biedt zijn excuses aan.
    Tijdens een bezoek aan de slijterij komt Winkler meneer Latjes tegen. Meneer Latjes is alcoholist geworden. Hij is met Hundertwasser na school nog een paar jaar bevriend gebleven, maar Hundertwasser kreeg spijt en gaf al zijn bezittingen aan de staat van Israël. Daarna is hij gaan zwerven en heeft zichzelf uit pure wanhoop voor een auto gegooid.
    Op een avond kijkt Winkler toevallig naar het journaal. Hij herkent zijn leraar Frans, die een hoge onderscheiding voor verzetshelden krijgt. In datzelfde journaal ziet hij dat zijn geschiedenisleraar zojuist een rechts-nationalistische partij heeft opgericht.
    Verder komt Winkler nog te weten dat Wreedstaart een succesvol makelaar geworden is en dat hij vroeger zo gek was omdat hij zijn vrouw en kinderen was verloren in de oorlog door een bom. De rector is hoogleraar in Kaapstad, de conciërge van het gymnasium is nu bezitter van een gokhal,
    de leraar Nederlands heeft een bar in België geopend en de dames Lepelaar zijn dood. Winklers moeder vertelt Winkler dat de dames Lepelaar in de oorlog lid waren van de NSB, maar in de oorlog geen vlieg kwaad gedaan hebben.
  8. Thema: het lijden van Winkler op school en thuis door oorlogtrauma’s.
    Motieven: de relatie met leraren, oorlogtrauma’s, racisme en pesten (sadisme)
  9. Hoofdpersoon:
    Winkler Brockhaus wordt als jongetje steeds met de oorlog en zijn afkomst geconfronteerd, terwijl hij niet eens weet wat het allemaal inhoudt. Hij is een roundcharacter

    Bijpersonen:
    De vader en moeder van Winkler zijn allebei joods en zijn gescheiden door de oorlogstrauma's.
    Verdere bijpersonen zijn Winkler's vrienden Alexis en Peter, zijn broer Laroux en allerlei leraren. Zij zijn allemaal flatcharacters.

  10. Het verhaal is chronologisch verteld.
    Het begin is ab ovo.
    Er zijn verwijzingen naar de toekomst en het verleden.
    De vertelde tijd is ongeveer 28 jaar.
    De vertel tijd is 123 bladzijden.
    Er is sprake van hoogverteltempo, want het verhaal maakt een sprong van een 12 jarige leeftijd naar een 40 jarige.
  11. Ruimtes zijn totaal niet van belang.
  12. Er is een personaal perspectief (hij-perspectief).
  13. Er zijn erg veel dialogen en weinig beschrijvingen.
  14. De levens visie is dat racisme en sadisme slecht is.
  15. Alle leraren worden natuurlijk eerst met haat beschreven, maar als hij ze later tegenkomt en krijgt te horen waarom ze zo waren en dat ze er spijt van hebben verandert dat wel. Zijn vader, die hij eigenlijk niet kent, wordt met liefde beschreven.
  16. Ik vond dit boek erg leuk, maar ik kan haast niet geloven dat leraren zo ontzettend gemeen zijn.

Bij criteria voor het beoordelen van literatuur

  1. Het verhaal zou wel echt gebeurd kunnen zijn, maar het zal waarschijnlijk niet vaak voorgekomen zijn. Ik denk dat Büch wel zoiets heeft meegemaakt, maar dat hij de werkelijkheid nogal heeft aangedikt.
  2. Ik vond het verhaal best wel aangrijpend, omdat het gewoon niet te geloven is dat die leraren zo zijn.
  3. Als wijze les zou je kunnen bedenken dat als je iemand iets aandoet, dat je er wel een keer voor zult boeten. Het loopt namelijk verkeerd af met alle leraren die Winkler slecht hebben behandeld, terwijl Winkler erg goed terecht komt. Verder wordt duidelijk gemaakt dat racisme nergens op slaat.
  4. a) Er is niet echt een functionele opbouw, want er wordt niet echt naar een denderend einde toegewerkt.
    b) Er is veel samenhang van elementen.
    c) Er is maar één verhaallaag en dus is het verhaal niet conplex.
  5. Ik geloof dat dit boek is geschreven met de bedoeling een soort verslag te maken over zijn eigen jeugd. Dat is goed gelukt, want iedereen herkent Büch wel in Winkler. Het is hem ook gelukt om duidelijk te maken dat racisme slecht is.
  6. Ik vind het verhaal niet erg origineel, want er zijn vast veel meer verhalen over rottig verlopen schoolloopbanen. Verder schrijft Büch vaak over zichzelf en in zo'n trant als in dit boek.
  7. Ik kon me niet zo goed inleven, omdat ik me die wreedheid van leraren niet voor kan stellen.
  8. Het boek is makkelijk te lezen en vereist dus niet veel doorzettings vermogen.
  9. Het taalgebruik en de stijl zijn ook erg makkelijk

Bij de recensie van Hans Warren.

  1. Vernieuwings argumenten:
    Warren vindt het ook niet echt origineel, omdat deze stijl van schrijven al door en door bekend is van Büch.
  2. Emotivistische argumenten:
    Het mag volgens Warren dan geen 'prestigieus kunstwerk' zijn, maar hij vindt het wel een heel leuk boek.
  3. Intentionele argumenten:
    Ook Warren heeft Büch in Winkler herkend en hij heeft de boodschap over racisme ook begrepen, wat dus wil zeggen dat de bedoelingen van Büch is gelukt.
    Ik ben het helemaal met Hans Warren eens en hoef er eigenlijk niets aan toe te voegen.

 

1470 verslagen
Voor wat hoort wat...

Heb je ook nog verslagen liggen!
Stuur ze dan naar
verslagen@internetcollege.nl

 


Achternaam auteur
Titel

 

 

  • Homepage
  • Verslagen

  • Nederlands
  • Engels
  • Duits
  • Frans
  • Spaans
  • Aardrijkskunde
  • Scripties, werkstukken & spreekbeurten

  • Top 10 totaal
  •  

     

    Zoeken op auteur

  • Hermans, Willem Frederik
  • Hermans
    ... of een deel van de naam
  • Zoeken op titel

  • De donkere kamer van Damokles
  • Damokles
    ... of een deel van de titel
  •  

     

    Gebruik deze boekverslagen als naslagwerk en lever ze niet in bij de leraar. De meeste leraren zien dat ze niet van jou zijn of kennen deze uittreksels al.
    De boekverslagen zijn niet beoordeeld op kwaliteit, maar zijn bedoeld als naslagwerk. Er kunnen dan ook fouten in zitten. Aan deze teksten kunnen geen rechten ontleend worden en mogen alleen op eigen verantwoordelijkheid gebruikt worden.

     

     



    [ Begin van deze pagina | Help | Site's toevoegen | Terug | Home Page ]
    Het Internet College is de virtuele school van de Digitale Stad.
    Opmerkingen kunnen gestuurd worden naar het Internet College.
    Copyright © 1997, 1998 Sjoerd Huyg